Voorafgaande beleidsanalyse IJsselmeergebied

Ter voorbereiding op het werk aan de gebiedsagenda voor het IJsselmeergebied is een quickscan uitgevoerd naar het bestaande beleid op het gebied van water, ruimte en natuur. Er is daarbij gekeken naar wet- en regelgeving, rijksbeleid en provinciaal beleid. Gemeentelijk beleid is hierin niet meegenomen.

De wet- en regelgeving beschermt bestaande waarden en belangen in het gebied (al dan niet na de realisatie van een herstelopgave). Er zijn duidelijke kaders voor het in stand houden van waterveiligheid, waterkwaliteit (zowel chemisch als ecologisch), natuurwaarden en monumentenbescherming. Daarnaast worden in de wet- en regelgeving de taken en bevoegdheden van de verschillende overheden geregeld en de planvormen waar zij mee werken. Wanneer je je realiseert dat de meren vrijwel geheel Natura2000-gebied zijn, dat ze grotendeels omgeven zijn door dijken, dat rond de meren een groot aantal historische stadjes ligt en in het water archeologische waarden aanwezig zijn, dan is duidelijk dat de wet- en regelgeving grote invloed heeft op de ontwikkelmogelijkheden van het IJsselmeergebied.

Rijksbeleid

Het rijksbeleid richt zich op het ontwikkelen en bijstellen kaders in wet- en regelgeving en de borging van nationale belangen. Daarnaast bevat het rijksbeleid visies, die alleen bindend zijn voor het Rijk zelf. Deze visies zijn vrij abstract. Ze bestaan veelal uit uitspraken die als “richtinggevende principes” kunnen worden gezien. Er is daarbij geen sprake van gebiedsgerichte uitspraken. Het Rijk legt op het gebied van ruimtelijke ordening en natuur steeds nadrukkelijker het accent op de rol van de provincie. Dit betekent dat het rijksbeleid de afgelopen tijd versmald is.

Provinciaal beleid

In het provinciale beleid (voor zover dat is vastgelegd in integrale nota’s) is nog niet goed herkenbaar dat de rol van de provincies op het gebied van ruimte en natuur versterkt is. Er is mogelijk sprake van een overgangsfase, in de aanloop naar de omgevingsvisies die Rijk en provincies moeten gaan opstellen. In de huidige nota’s valt op dat slechts Flevoland, Noord-Holland en Friesland aandacht besteden aan de meren van het IJsselmeergebied. Net als het rijksbeleid gaat het hierbij vooral om principes en hoofdlijnen en is er nauwelijks sprake van concrete uitwerking op (deel)gebiedsniveau. Deze uitwerking blijkt in de praktijk vaak plaats te vinden in gebiedsprocessen, waarbij overheden en maatschappelijke organisaties samen plannen maken voor deelgebieden.

Drie beleidsthema's

De visies van Rijk en provincies voor de verschillende beleidsterreinen hebben een vergelijkbare toonzetting. Door de oogharen kijkend komen drie thema’s regelmatig terug:

  1. Verbinden van functies (integrale projecten, het vinden van economische dragers voor monumenten, natuur als vestigingsfactor en economische drager, etc.)
  2. Ontwikkelingsgericht werken (niet alleen focus op behoud).
  3. Adaptief werken aan robuuste/toekomstbestendige systemen. Er is een zeker spanningsveld met de sectorale en sterk behoudsgerichte wet- en regelgeving.

De beleidsthema’s zouden het kader voor de gebiedsagenda moeten vormen. Dit betekent dat de gebiedsagenda integraal moet zijn, niet moet uitgaan van statische eindbeelden en verbindingen moet zoeken met relevante economische aspecten. Dit sluit aan bij het advies van de Rijksadviseur voor Landschap en Water, die stelt dat er behoefte is aan zowel een ecologisch-ruimtelijke visie als een economisch-ruimtelijke visie.

Nuttige documenten

Aanvullend op de beleidsanalyse is een overzicht gemaakt van documenten die benut kunnen worden bij het opstellen van de Agenda IJsselmeergebied 2050. Er is veel materiaal beschikbaar, met name op het gebied van water, natuur en landschap. Voor de thema’s cultuurhistorie en toerisme lijken visies en gebiedsdekkende overzichten van waarden echter niet voorhanden te zijn. Het valt te overwegen op deze terreinen voorstudies te laten verrichten, waarvan bij het opstellen van de gebiedsagenda gebruik gemaakt kan worden.