Infrastructuur en transport

Betekenis van het gebied

In het IJsselmeergebied liggen belangrijke vaarroutes naar midden en Noord-Nederland, voor zowel de beroeps- als recreatievaartVanaf Amsterdam loopt een belangrijke vaarroute langs Flevoland richting Friesland en Groningen. Daarnaast zijn bijvoorbeeld de routes van en naar Meppel, Zwolle en Kampen van belang. Vanuit het IJsselmeer kunnen schepen via de sluizen in de Afsluitdijk (Stevinsluis en Lorentzsluis) naar de Waddenzee (en verder richting de Noordzee).

Niet alle routes zijn even belangrijk. Voor de binnenvaart zijn vooral de hoofdvaarweg Amsterdam-Lemmer (Delfzijl) en de hoofdvaarwegen van het IJsselmeer naar Kampen en Meppel belangrijk. Over deze hoofdvaarwegen wordt vanaf Amsterdam jaarlijks ca. 24 mln ton aan goederen naar Noord-Nederland en de kop van Overijssel vervoerd en meer dan 325.000 TEU aan containers (TEU: Twenty Foot Equivalent Unit, een standaardmaat voor containers). Dit zijn aanzienlijke stromen.

Routes en vaarwegen in het IJsselmeergebied
Legenda routes en vaarwegen in het IJsselmeergebied

Routes en vaarwegen in het IJsselmeergebied

Hoe werkt het?

De hoofdvaarweg van Amsterdam over het IJsselmeer naar Noord-Nederland (vaarweg Lemmer – Delfzijl) maakt deel uit van het rijkshoofdvaarwegennet. Andere belangrijke hoofdvaarwegen komen op het IJsselmeer uit en takken op deze vaarweg aan: de vaarweg IJsselmeer – Meppel en de IJssel (via het Ketelmeer).

De route via de Randmeren heeft meer de functie van omvaarroute voor de wat kleinere beroepsvaart en is daarnaast van belang voor het containervervoer naar Harderwijk en voor recreatievaart. De routes via Enkhuizen-Afsluitdijk (Den Oever), Lemmer-Afsluitdijk (Kornwerderzand) en midden over het IJsselmeer hebben met name een functie voor de recreatievaart en een beperkt aantal vissersschepen.

Opgave

De bestaande routes en vaarwegen zouden voor beroeps- en recreatievaart op de huidige maten en dimensies gehouden moeten worden (o.a. ter voorkoming van omgekeerde ‘modal shift’ naar weg/spoor). De volgende elementen zijn voor de scheepvaart op het IJsselmeer van belang en moeten in beeld blijven:

  • De huidige vaarklassen en de streefbeelden uit de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) en de nota Mobiliteit voor binnenvaart op het IJsselmeer (hierover is vaak discussie met de regio).
  • De routes voor het basis recreatie toervaartnet (BRTN): welke zijn echt belangrijk en moeten onderhouden worden en welke routes zijn ‘service naar de gebruiker’?
  • Belangrijkste binnenhavens/overslagpunten: Flevokust (nog in oprichting), Zwolle, Kampen, Meppel.
Animatie van de Flevokust

Animatie van de Flevokust

Gemaakte keuzes

Het beleid, prioriteiten daarbinnen en een beschrijving van de vaarwegklassen zijn te vinden in het Structuurschema Infrastructuur en Ruimte (SVIR), het MIRT-projectenoverzicht en het Beheerplan voor de Rijkswateren. Voor de recreatievaart is de Basisvisie Recreatietoervaart 2015-2020 in voorbereiding. Internationaal staan alle klasse IV vaarwegen en hoger (inclusief een aantal binnenhavens) op het Nederlandse deel van het TEN-T kernnetwerk: het Trans-Europese verkeersnetwerk.

Samenhang

  • Nationaal (SVIR)belang is het op diepte brengen en houden van de hoofdvaarwegen Amsterdam – Noord-Nederland en naar Kampen en Meppel t.b.v. klasse V schepen en bijbehorende brughoogtes en het beperken van de wachttijden bij sluizen (maximaal 30 minuten structurele wachttijd).
  • Monitoren en onderhouden van de vaardiepte van het hoofdvaarwegennet (HVWN) in het IJsselmeergebied. Dit moet bijgehouden worden door RWS en voldoende zijn voor de geldende klasse.
  • Zorgen voor betonnen en beheren van de verschillende vaarroutes door RWS.
  • Beperkte peilwisselingen IJsselmeer geven vooralsnog geen beperking t.a.v. doorvaarthoogte op de IJssel, maar is wel een belangrijk aandachtspunt bij eventuele verdere aanpassingen van waterpeilen.

Projecten

Rijksprojecten

  • Verbetering vaargeul IJsselmeer – Meppel (na 2020).
  • Hoofdvaarweg Lemmer – Delfzijl (vervangen en verruimen van meerdere bruggen in periode tot 2023).
  • Vervanging sluis Kornwerderland (Lorentzsluis): het Rijk zorgt voor een waterkering (+ keersluis) die toekomstvast en robuust is. Het Rijk zorgt voor goed onderhoud en vervanging van het complex rond 2050. De regio wil achter de keersluis een grotere schutsluis dan de huidige die nog tot 2050 levensduur heeft. De regio moet haar wensen voor een bredere schutsluis (t.b.v. regionale scheepsbouw) zelf financieren en gaat daarover met het Rijk in overleg.
  • Flevokust: de overslaghaven Flevokust vormt de start van de ontwikkeling van Lelystad tot agrarische hub: een centrale plek voor transport en overslag van agrarische producten uit Flevoland, met de wereldmarkt als afzetgebied. Het project draagt verder bij aan de Beter Benutten-ambitie om vrachtvervoer van de weg naar het water te verplaatsen. Start uitvoering naar verwachting 2016, eind 2017 moet de overslaghaven gereed zijn voor gebruik. Het project Flevokust is een samenwerking tussen de provincie Flevoland en gemeente Lelystad. De provincie ontwikkelt de buitendijkse overslaghaven en de gemeente Lelystad realiseert een binnendijks ‘nat’ industrieterrein.

Regioprojecten

  • Ambitie bij de regio (met name provincie Fryslan) voor een grotere sluis bij Kornwerderzand dan gepland is in het rijksproject om de sluis te vervangen. De grotere sluis is met name van belang voor de jachtenbouwsector.
  • Urk: de gemeente wil de haven uitbreiden en geschikt(er) maken voor containeroverslag. Vanuit het ministerie van IenM is gewaarschuwd voor het risico van overcapaciteit en ligt de focus op het project Flevokust, waarvoor vanuit het programma Beter Benutten €9 mln beschikbaar is gesteld.

Literatuur

  • Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). Ministerie van IenM, 2012.
  • MIRT overzicht 2016 (internet).
  • Beheer- en ontwikkelplan voor de rijkswateren 2016 – 2021. Rijkswaterstaat, 2015.
  • Basisvisie Recreatietoervaart 2015-2020 (nog niet openbaar)