Cultuurhistorie

Betekenis van het gebied

De cultuurhistorie van het IJsselmeergebied omvat het cultuurhistorisch landschap van het oude land, de nieuwe polders en het ‘onderwaterlandschap’ van het Markermeer en IJsselmeer, de waterstaatsgeschiedenis, de archeologie, dorps- en stadsgezichten en monumenten.

Het gebied van het huidige IJsselmeer is duizenden jaren in verandering, van land naar water en weer land. Is er na de laatste ijstijd nog sprake van een min of meer aaneengesloten, bewoonbaar gebied (ca. 10.000 v.Chr.), nu is dit oorspronkelijke Eemstroomgebied een overspoeld, nog grotendeels intact landschap, waarvan de (bodem)restanten waardevol zijn. Ca. 500 v Chr. wordt het gebied natter door zeespiegelstijging en ontstaan veenmoerassen die vervolgens uitgroeien tot grote veenmeren die, vooral in de tweede helft van de 12e eeuw, de omvang van de Zuiderzee krijgen. In de 20e eeuw wordt de Zuiderzee door de Afsluitdijk afgescheiden van de Waddenzee en deels ingepolderd: het meer wordt deels weer land.

De dynamiek van het IJsselmeergebied en de relatie met de ontstaansgeschiedenis (zie onderstaande afbeelding) is af te lezen aan de verschillende landschapstypen.

Kaarten van ontstaansgeschiedenis IJsselmeergebied

Ontstaansgeschiedenis IJsselmeergebied

Grote delen van Friesland en Noord-Holland zijn waterrijke veengronden en, vanwege de afwatering, met een dicht net van sloten in lange stroken verkaveld. De verkaveling in polders op de kreekruggen en de zeeklei afzettingen van beide provincies zijn – zeker in verhouding tot de nieuwe polders – onregelmatig ontgonnen in blokvorm. In Friesland en Noord-Holland zijn door het afgraven van het veen en afslag van de randen door wind en water meren ontstaan. Ook de waterrijke veengronden van de (voormalige) kust van Overijssel, de IJssel- en Eemdelta en het gebied ten noorden van Amsterdam, Broek op Waterland zijn kleinschalig ontgonnen. De strokenverkaveling met bijbehorende ontginningsassen zijn vaak nog goed herkenbaar in het huidige landschap. De hogere zandgronden, ontstaan in de laatste ijstijd, zijn (restanten) van stuwwallen. De ontginning van deze armere gronden heeft een grillige verkaveling opgeleverd. Minder vruchtbare gronden waren als heide en bos in gebruik. Dit historische grondgebruik is plaatselijk nog herkenbaar gebleven (Veluwe, Utrechtse Heuvelrug). De droogmakerijen uit de 17e eeuw (Beemster, Schermer en Purmer)  en 20ste-eeuwse polders als de Wieringermeer, de Noordoostpolder en de Flevopolders, met als doel landaanwinning voor extra landbouwgronden, zijn planmatig aangelegd en daardoor rechtlijnig en grootschalig verkaveld; hoe recenter, hoe grootschaliger.

De ontginning en latere ontwikkeling levert een verscheidenheid op aan landschapstypen (zie onderstaande afbeelding) dat hoog gewaardeerd wordt. Ze hebben op verschillende momenten daardoor een beschermde status gekregen. Afhankelijk van het toenmalige beleid zijn ze aangewezen als Nationaal Park, Nationaal Landschap of als Belvedère-gebied. Een dergelijke status geldt onder meer voor:

  • Nationaal landschap Laag-Holland (Waterland/Zeevang), Zuidwest-Friesland, IJsseldelta, Veluwerand, Arkemheen-Eemland, Nieuwe Hollandse Waterlinie/Stelling van Amsterdam;
  • Belvedère gebied Waterland-Oost, Stelling van Amsterdam/Nieuwe Hollandse Waterlinie, De Hemmen (Friesland), Friese terpengebied, Noordoostpolder (met Urk), Wieden-Weerribben, Staphorst, Kampereiland-Mastenroek, Swifterband, Nijkerk-Arkemheen;
  • Werelderfgoed (Noordoostpolder, Schokland, Beemster en ook het Woudagemaal in Lemmer).

De waterstaatsgeschiedenis hangt nauw samen met de bewoningsgeschiedenis en het landgebruik en heeft cultuurhistorisch betekenis. Dit geldt voor de gehele IJsselmeerdijk, met de dijktrajecten Amsterdam-Monnickendam, Edam-Hoorn, Hoorn-Medemblik, de dijk van Friesland met het Woudagemaal en de dijk Kuinre-Blokzijl; deze zijn cultuurhistorisch relevant voor het verhaal van de Zuiderzee tot IJsselmeer met de IJsselmeerwerken als de proefpolder Andijk, eerste inpoldering van de Wieringermeer, de Afsluitdijk, de aanleg van de Noordoostpolder, Oostelijk Flevoland, Zuidelijk Flevoland, en de aanleg van de Houtribdijk – die uiteindelijk een dam werd, omdat definitief is besloten de Markerwaard niet in te polderen.

Kaart van het IJsselmeergebied met landschapstypen

Landschapstypen

Voor de archeologie is het van belang te weten dat het hele IJsselmeergebied afwisselend land en is water geweest. Dit betekent nl. dat er in de bodem van het huidige IJsselmeer en de nieuwe polders nog veel sporen te vinden zijn. Denk bijvoorbeeld aan:

  • Sporen van bewoning: 10.000 jaar geleden was het gebied helemaal land. In de diepere ondergrond zijn diverse plekken met kampementen van jagers en verzamelaars te vinden. Oude rivierlopen, zoals de Eem en de Vecht, liepen door in het huidige Marker- en IJsselmeer. Bewoning vond plaats aan de randen van de oude rivierlopen daar zijn nog oude jachtkampementen te vinden. Bewoningssporen zijn onder andere gevonden ten zuiden van Almere (door aanleg A27), ten noordoosten van Lelystad, Urk en het Swifterbandgebied. Ook op de locatie van de nieuw aan te leggen Marker Wadden, waar veel zand zal worden gewonnen, is onderzoek naar wrakken en prehistorische bewoning. Recentere voorbeelden van menselijke activiteiten en bewoning zijn te vinden bij de oostrand van Flevoland, de zuidwestpunt van Friesland en de zuidwestelijke kust van Noord-Holland. Daar liggen veel verdronken dorpen waarvan nog restanten te vinden zijn. Deze dorpen zijn in de Middeleeuwen verdronken bij hevige stormen.
  • Scheepswrakken: de Zuiderzee was enorm belangrijk voor de visserij en handel. De IJssel en de verbinding met de Zuiderzee was belangrijk voor de handel in de Hanzeperiode. Er is een aantal kogges gevonden uit de 13e en 14e eeuw. Met de aanleg van de polders is er veel onderzoek naar wrakken geweest; onderzoek voor het waterdeel gaat nog plaats vinden. Er zijn enkele beschermde scheepswrakken, zoals bij Medemblik en bij Lelystad (wrak uit 1469). In de Gouden eeuw voeren de ongeladen schepen door de ondiepe Zuiderzee heen om op de rede van Texel bevoorraad te worden, voordat zij in konvooi naar de oost of west voeren. Uit de vorige eeuw zijn ook nog scheepswrakken te vinden; bij Bunschoten is een plek bekend waar, na de afsluiting van de Zuiderzee, veel vissersschepen en botters, zijn afgezonken. Het blijkt lastiger dan gedacht om te voorspellen waar mogelijke wrakken te vinden zijn. Dit komt omdat schepen die in zware stormen terecht kwamen van de gebruikelijke routes werden geblazen, in de ondiepere delen terecht kwamen en daar vergingen.
  • Vliegtuigwrakken: in het IJsselmeer en Markermeer en de nieuwe polders liggen honderden vliegtuigwrakken uit de WOII. Dit komt omdat de vliegtuigen op de route Engeland- Duitsland zo veel mogelijk over onbewoond gebied vlogen om aan afweergeschut te ontkomen en bij neerstorten zo min mogelijk schade zouden aanrichten.
Kaart van het IJsselmeergebied met scheepswrakken

Kaart met scheepswrakken

Op het oude land is de diversiteit van archeologische restanten groot; er heeft hele vroege bewoning plaats gevonden tot aan heden. Rijksmonumenten of provinciale en gemeentelijke archeologische kaarten geven daar inzicht in.

In het IJsselmeergebied is een veelvoud aan soorten gebouwde monumenten te vinden, met als voornaamste de historische haven- en visserssteden met veelal markante silhouetten, die als bakens vanaf zee fungeerden (zoals de kerktoren Enkhuizen). Voorts zijn er monumenten die herinneren aan de waterstaatkundige functie (dijken, sluizen, gemalen) en aan de agrarische functie (historische boerderijen; droogmakerijen):

  • Rijksbeschermde stads- en dorpsgezichten zijn: Amsterdam, Durgerdam, Ransdorp, Holysloot, Zuiderwoude, Marken, Monnickendam, Edam, Hoorn, Enkhuizen, Medemblik, Twisk, Kornwerderzand (Afsluitdijk), Cornwerd, Makkum, Piaam, Workum, Hindelopen, Blokzijl, Vollenhove, Elburg, Harderwijk, Bunschoten, Naarden, Muiden, Urk.
  • Provinciale monumenten: dijken langs het IJsselmeer in Noord-Holland, West-Friese Omringdijk.
  • Wereld erfgoed: Schokland (NOP), Woudagemaal (Lemmer), Stelling van Amsterdam (Pampus, forten langs de dijken tussen Edam-Naarden), Nieuwe Hollandse Waterlinie, binnenstad Amsterdam.
  • Specifieke, regionale monumentale waarde als houtbouw in Waterland.
Kaart van het IJsselmeergebied met archeologische monumenten

Archeologische monumenten

Hoe werkt het?

De cultuurhistorie is een perspectief als onderligger voor (integrale) ontwikkelingen. De verschillende thema’s en bijbehorende verhalen, beelden en karakteristieken bieden goede kansen om het erfgoed te verbinden met nieuwe, integrale ruimtelijke ontwikkelingen. Kennis, verhalen en ontwikkelingen kunnen worden samengebracht – bij voorkeur bij aanvang van een project - zodat eventuele vergunningen tijdig en met advies kunnen worden aangevraagd (bij planologische of wettelijke bescherming).

Opgave (zie ook hoofdstuk Landschap)

Net als bij het landschap is de cultuurhistorie een integrale (onder) laag waar toekomstige ontwikkelingen in plaats vinden. Belangrijk is het om de verscheidenheid en de leesbaarheid van het landschap te behouden. Indien er ontwikkelingen plaatsvinden die de cultuurhistorische waarden beïnvloeden, moeten de historische waarden goed worden vastgelegd. De cultuurhistorie is een belangrijk uitgangspunt voor verdere planvorming – ook als er botsende opgaven zijn – en kan leiden tot een gemeenschappelijke visie.

De opgaven voor het IJsselmeergebied zijn:

  • Deltaprogramma: inspelen op een flexibel en 10 cm hoger waterpeil van het IJsselmeergebied. Een aantal buitendijkse recreatieve functies komt regelmatiger onder water te staan (strandjes, campings) of er is meer overlast in de recreatiehavens. De druk op de buitendijkse natuur in Friesland, en op langere termijn ook in de IJssel-Vechtdelta en op enkele plaatsen langs de Noord-Hollandse en Utrechtse kust, neemt toe. Er vindt meer erosie plaats door verkorting van land-waterovergangen en platen komen vaker onder water te staan. In de laaggelegen gebieden zal meer grond- en kwelwater overlast voorkomen. Lokaal overlast voor buitendijkse functies.
  • HWBP: dijkversterkingen. Is het mogelijk de ruimtelijke kwaliteit te behouden en zo mogelijk te versterken?
  • Vormgeven van de opgave voor de opwekking van duurzame energie.
  • Autonome plannen en visies, samenhangende ruimtelijke opgaven.

Gemaakte keuzes

De gemaakte keuzes liggen vast in onderstaande documenten. De lijst is niet uitputtend.

  • Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR)
  • De nieuwe Omgevingswet
  • Rijksstructuurvisie voor het Rijk Regioprogramma Amsterdam- Almere-Markermeer (RRAAM)
  • Beheer- en Ontwikkelplan voor de Rijkswateren 2016-2021 (concept sept. 2014)
  • Deltaprogramma met deelprogramma’s, Deltaprogramma IJsselmeergebied
  • Kustversterkingsprojecten i.h.k.v. het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP 1 en 2)
  • Dijkversterking Houtribdijk (gereed 2019)
  • Project Afsluitdijk (gereed 2021)
  • Toekomstagenda Markermeer en IJmeer (TMIJ) (onderdeel van RAAM, Rijksbesluiten Amsterdam-Almere-Markermeer, nov. 2009)
  • Structuurvisie Windenergie op Land (WOL)
  • Provinciaal beleid:
    • Omgevingsvisie Gelderland (2015)
    • Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie (PRS) en de Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV) Utrecht
    • Structuurvisie Noord-Holland 2040
    • Omgevingsplan Flevoland 2006
    • Streekplan voor Fryslân 2006
    • Omgevingsvisie Overijssel 2009
    • Lokale initiatieven en plannen

Samenhang

Cultuurhistorie en archeologie zijn integrerende onderwerpen en hangen samen met:

  • Waterveiligheid (Deltaprogramma, dijkversterkingen);
  • Recreatie;
  • Verstedelijking, wonen-werken en infrastructuur;
  • Energie;
  • Visserij;
  • Natuurontwikkeling: MarkerWadden;
  • Zandwinning.

Projecten

  • Lelystad: aanleg container terminal en vaarweg
  • Zandwinning project Markerzand

Literatuur

  • Atlas van het IJsselmeergebied, Deltaprogramma IJsselmeergebied, 2010
  • Kwaliteitskader IJsselmeergebied, in opdracht van College van Rijksadviseurs; Strootman landschapsarchitecten bv, 2013 (maakt gebruik van veel andere studies)
  • Ruimtelijke Kwaliteit IJsselmeergebied; onderzoek naar kernkwaliteiten en identiteiten van het IJsselmeergebied ten behoeve van het project Beleidskader IJsselmeergebied, Bosch en Slabbers, 2008
  • Atlas van Nederland in het Holoceen, landschap en bewoning vanaf de laatste ijstijd tot nu. Vos, P.C. cs, 2011
  • Parallelspoor bodemwaarden Markermeer IJmeer, in opdracht van Bosch Slabbers Tuin- en Landschapsarchitecten door M. Benjamins (red.), S. van den Brenk, E. van Ginkel, M.C. Houkes, W. Waldus en F.S. Zuidhoff. Met bijdragen van: E. van Ginkel (TGV Teksten en presentatie) en A. Viersen
  • MER Markerwadden
  • Plan – project MER Afsluitdijk
  • Notitie Reikwijdte en Detailniveau Versterking Houtribdijk
  • Veerkracht waar mogelijk: Ontwerpend onderzoek voor Klimaatbestendig Nederland, in opdracht van het Planbureau voor de Leefomgeving; Vista landschapsarchitectuur en stedenbouw 2012